Linda Huijsmans Teksten

Zzyzx

Hoe een kwakzalver het laatste woord kreeg

 

Vanaf Los Angeles loopt een smalle tweebaans snelweg dwars door de Mojave woestijn. Dagelijks bewegen vrachtwagens en huurauto’s zich in eindeloze rijen naar de stad die daar middenin de leegt schittert als een oase: Las Vegas. Maar die woestijn is niet zo leeg als hij vanaf de snelweg lijkt. Het bord bij de afslag doet er nogal geheimzinnig over, maar ‘Zzyzx Road’ leidt naar nóg een ‘schitterende illusie’.  

Een schitterende illusie

Neem afslag 239 naar Zzyzx Road Het grote, groene verkeersbord met die raadselachtige naam en je waant je onmiddellijk in the middle of nowhere. Je draait de snelweg de rug toe, al snel ligt er geen asfalt meer en rijd je over een zandpad de woestijn in. Het monotone gebrom van auto’s sterft weg en dan hoor je niets meer. Voor je strekt het grijsbruin van het woestijnzand zich uit, hier en daar onderbroken door lage, grijsgroene stekelstruikjes. Geen levend wezen laat zich hier zien. Het enige wat beweegt is de horizon, die zachtjes zindert in de hitte.

U bent onze gast

Na een dikke vijf kilometer passeer je een uitgestrekte, witte zoutvlakte. De rechte weg maakt een bocht en daarna verandert je uitzicht. De leegte maakt plaats voor een groep slordig bij elkaar geplaatste witte gebouwtjes en een rechthoekig meer. Welkom bij Zzyzx Mineral Springs. 

Zet je auto op de grote parkeerplaats waar veertig jaar geleden nog een groot, oranje bord hing dat je uitnodigde om aan te schuiven bij het diner. Gratis. ‘U bent onze gast’.

Het bord is naar beneden gevallen en staat te verroesten. De parkeerplaats is uitgestorven. De eerste witte gebouwen die je tegenkomt lijken nog in gebruik te zijn. Er hangen gordijnen achter de ramen en de bel in een bescheiden houten torentje doet vermoeden dat zich daar een kleine kapel bevindt.

Roestige raamkozijnen

Eenmaal bij de rand van het kunstmatige Tuendae meer – een Indiaanse naam die ‘daar waar de wateren samenkomen’ betekent - is geen sprake meer van keurig onderhouden kantoren. Er liggen vijf langwerpige gaten in de grond, afgeschermd door één muur met grote ramen die allemaal zijn kromgetrokken. De roestige raamkozijnen, waar de warme woestijnwind in en uit waait, buigen zich over de oude baden heen. Het pleisterwerk is kruimelig geworden. Dit zijn de buitenbaden van het bathhouse.

Voor het lage gebouwtje ernaast is een rood-wit lint gespannen waarop staat dat het gevaarlijk is ernaar binnen te gaan. Daar zijn nog veel meer baden. Bij een ervan liggen twee felgekleurde badborstels, daar ongetwijfeld neergelegd als grap door een van de grafitti-kunstenaars en vloggers die hier regelmatig opnames maken.

Boulevard of Dreams

Aan de andere kant van de baden moet het hotel geweest zijn. Over twee verdiepingen liggen 30 kamers naast elkaar. De rood-betonnen vloeren liggen vol splinters porselein van kapot gegooide wc-potten. Hier en daar hangt nog een verweerde spiegel aan de muur.

In een open ruimte tussen de gebouwen in, staan drie schommels. Hun schaduwen vormen nauwelijks zichtbaar smalle streepjes op de harde zandgrond, maar de zittingen zien er verrassend goed uit. Stevig, vers hout nodigt uit om even te gaan zitten en zo, bijna gewichtloos, de omgeving op je te laten inwerken. Aan de rand van het pleintje staan twee straatnaambordjes kruislings op elkaar: Boulevard of Dreams en Castle Way. Moeilijk voor te stellen dat dit ooit een droomlocatie was.

The facts of life...

Toch klonk hier, dertig jaar lang iedere ochtend een opgewekt ‘Hello Folks!’ door de ether. Het was de stem van radio-evangelist, dokter en eigenaar van dit hele complex: Curtis Howard Springer. Curtis was een bedrieger en een oplichter, een kwakzalver en een fantast. Allemaal grote woorden die hem passen als een jas. Hij was ijdel, egocentrisch en narcistisch bovendien. Zijn dagelijkse radio-uitzendingen opende hij steevast met de tekst:‘Hello Folks! Curtis Springer coming to you with a quarter hour of facts about life and how to live it’.

Het woord bescheidenheid paste minder goed bij hem.

 

Een verlaten fort

Maar Curtis was ook een dromer. In een winkel in Los Angeles had hij een tweedehandsboekje gevonden over minerale bronnen in Californië. Daarin stond iets over in Ford Soda Springs, zo’n 200 mijl ten oosten van Los Angeles en 11 mijl ten zuidwesten van Baker. Er lagen nog delen van een spoorlijn uit de tijd van de grote goudkoorts, een oud treinstation en een verlaten fort van waaruit het leger een tijdje over de woestijn uitgekeken had. Het stond op geen enkele kaart. Curtis pakte een tent en wat eten in zijn auto en ging op zoek.

Het laatste woord

Hij gaf zijn droom de naam Zzyzx – spreek uit als zaizex – omdat hij, zoals hij zelf zei, graag het laatste woord wilde hebben. Hij haalde daklozen uit Los Angeles om, tegen kost en inwoning, het hotel te bouwen, het zwembad, de kuurbaden voor het warme water, een kantoorgebouw en een radiostudio. Daar maakte hij iedere dag een uitzending over ‘the facts of life’die in heel Californië en grote delen van de rest van de VS te beluisteren was.

 

Rode blos

Die dagelijkse radiopraatjes gingen over god en over jezus, maar met name over zijn de homeopathische geneesmiddelen die Howard zelf maakt. Beroemd waren zijn ‘Antediluvian Desert Herb Tea’ en de ‘Hollywood Pep Cocktail’; een vloeistof die ‘geconcentreerde vitale voedselenergie’ bevatte en die je over je eten moest druppelen. En wat te denken van de Zy-Crystals: zoutkristallen uit de woestijn bij Zzyzx waarmee je je wangen en je voorhoofd moet insmeren. Buig daarna voorover en houd zo lang mogelijk je adem in. Verschijnt er daarna een rode blos op je wangen, dan heeft het zout zijn heilzame werking gedaan.

Boiler

Veel mensen geloofden het maar al te graag. Curtis bracht werkgelegenheid en een postkantoor naar het nabijgelegen stadje. Hij liet een weg aanleggen waarover een keer per week een gratis bus uit Los Angeles naar zijn complex reed. Hij had een eigen limousine, waarmee hij de wat draagkrachtiger bezoekers vervoerde. Iedere gast betaalde wat hij kon missen. Zo kon iedereen er detoxen, kuren, gezond eten, van de woestijnlucht genieten en baden in de poelen met het warme, helende mineraalrijk water.
Veel later pas ontdekte men de boiler die het water uit het Tuendae Lake opwarmde voordat het de baden instroomde. Maar dat was later. Dertig jaar lang, van 1944 tot 1974, draaide Zzyzx Springs op volle toeren. En iedere ochtend klonk de immer vrolijke Curtis door de ether die met zijn ‘Hello Folks’ de moed erin hield.

Mining Permit

Op een dag zat er tussen alle fanmail een brief van de staat Californië. Curtis moest Zzyzx binnen 36 uur ontruimen, alle gebouwen afbreken en het terrein achterlaten zoals hij het dertig jaar eerder had aangetroffen. Dat was geen grap. Hij had een fout gemaakt. 

Hij had het land helemaal niet gekocht had, zoals hij dacht, maar alleen de rechten op het delven van grondstoffen. Een ouderwetse mining permitdie honderd jaar eerder talloze goudzoekers naar de woestijn had gelokt. Maar Curtis had niets aan mijnbouw gedaan, behalve het water uit de bronnen gebruikt, en dus moest hij weg. Onmiddellijk.

King of Quaks

 

 

Het was de tweede scheur in het bolwerk van deze dokter van het volk. De Nationale Gezondheidsraad had hem een paar jaar eerder al vereerd met de dubieuze titel King of Quacks- koning kwakzalver. De universiteiten waaraan hij zou zijn afgestudeerd, bleken helemaal niet te bestaan en die beroemde Antediluvian Desert Herb Tea – wat letterlijk vertaald ‘kruidenthee voor de zondvloed’ betekent -  bleek niet meer te zijn dan een aantal laxerende kruiden in een theezakje. 

 

 

Old-time-medicine men

Tegenslagen brachten de vrolijke fraudeur niet van zijn stuk. Hij was geen kwakzalver, zo reageerde hij in zijn radiopraatje, maar ‘the last of the old-time medicine men.’ Hem kregen ze niet zo gemakkelijk van zijn stuk.

Hij streed, hij procedeerde, maar verloor. Hij moest Zzyzx verlaten, maar kreeg voor elkaar dat alle gebouwen mochten blijven staan. Uiteindelijk moest hij zelfs uiteindelijk een paar maanden de gevangenis in.

Een grote grijze man

In 1976, toen hij inmiddels tachtig jaar oud was, bracht hij nog een keer een bezoek aan zijn droomlocatie. De gebouwen waren in gebruik genomen door onderzoekers van de California State University. Op de allereerste dag reden studenten met een touringcar naar die afgelegen plek gereden en werden daar toegesproken door hun professor. Het lokale televisiestation had een camera meegebracht.

Halverwege het praatje rijdt een auto het beeld in waar een grote, grijze man uitstapt. Onmiddellijk zijn alle ogen en de camera op hem gericht. Hij schudt de aanwezigen de hand en neemt dan zelf het woord. ‘Een paar minuutjes maar’, zegt hij. ‘I am a university man myself, have a PhD, in psychology…’  Hij gunt ze het terrein, zegt hij. Hij is blij dat alles wat hij voor 3 miljoen dollar gebouwd heeft, niet hoeft af te breken.

 

Een grootse droom

Curtis Howard Springs leeft nog 9 jaar in Las Vegas voor hij sterft. ZZyzx is nog steeds in gebruik door onderzoekers in Desert Studies van de CSU. Dat verklaart het nieuwe hout van de schommels, de schone gordijnen en de goede staat van de asfaltweg naar de highway. In het Tuenda-lake zwemt nu de Mohave tui chub – een bijna uitgestorven vis die door de studenten wordt bestudeerd.

Maar er gaan hele weken voorbij dat zich geen mens op dit terrein vertoont. Alleen een enkele toerist die zich heeft laten verleiden door dat rare woord dat opeens op de snelweg opdook. En die hoeft weinig moeite te doen om zich te verplaatsen in de tijd dat hier een grootse droom geleefd werd. 

 

 

 

 

3Springer, Curtis H. "One of the Strangest Stories Ever Told." Baker Valley News. 18 October 1984. Print.