Linda Huijsmans Teksten

De Trompenburg is geen rivier

Waarom Rivierstaete precies in de Rivierenbuurt past

Berlage maakte school met rechte lijnen, maar aan de rand van deze kaart is het een rommeltje. Toen hij zijn Plan Zuid mocht gaan tekenen, kreeg hij letterlijk carte blanche. De weilanden en de polders werden uitgegumd en de zuidkant van de stad werd een blanco vlak waarop hij naar hartenlust zijn rechte lijnen kon gaan zetten.

En dat deed hij. Met een liniaal tekende hij vanaf de Amstel een brede Y-as de stad in en kleurde die geel. Daarna draaide hij de meetlat en schetste in scherpe hoeken de wegen en straten daar dwars daarop. De ruimtes ertussen kleurde hij bijna allemaal rood. Daar zouden huizen gebouwd worden. Heel veel huizen.

 

 

 

Dit is een hele vroege kaart.  Op deze kaart is het ordelijke raster dat de basis vormt voor zijn nieuwe wijk al duidelijk op te zien. Juist daarom valt het zo op dat het aan de rand zo ontzettend rommelig is. Maar wat doet die scheve straat daar, middenin die leegte?

 

 

 

 

 

 

 

Lees hieronder verder.....

Scheve lijntjes

Daar kon Berlage niet veel aan doen. Amsterdammers leefden al eeuwen langs de oever van de Amstel en hadden daar hun sporen achtergelaten. Uitzinnige buitenhuizen en kloeke boerenhoeven wisselden elkaar af, met daartussendoor uitspanningen voor reizigers en zondagmiddagwandelaars. Al die oude en nieuwe bouwsels zorgden voor scheve, onregelmatige lijntjes aan de rand van Berlages smetteloze kaart.

De meeste daarvan zou hij binnenkort weg kunnen gummen, behalve die ene schuine straat rechtsonder. Die snijdt dwars door zijn geplande rechte hoeken heen. Daar kon hij niet omheen.

Trompenburg

Die had, als enige in die nog lege hoek van de kaart ook al een naam;Trompstraat en liep langs de fabriek van de gebroeders Spijker. Zij waren beroemd geworden als makers van de gouden koets, maar in 1898 zochten ze ruimte om hun automobiel- en vliegtuigfabriek uit te breiden.

Ze gingen ver buiten de stad kijken bij een van die uitzinnige buitens langs de Amstel. Net als veel van zijn rijke stadsgenoten had admiraal Cornelis Tromp daar in de 17eeeuw een hofstede laten bouwen om in de zomers de stinkend hete stad te ontvluchten. Tegen de tijd dat de gebroeders Spijker er kwamen kijken, waren er 200 jaar verstreken en was de hofstede allang gesloopt. Een hek en twee betonnen palen langs een zandpad waren het enige wat er nog van Hofstede Trompenburg over was. Daarachter strekte zich een grote groene leegte uit. Jacobus en Hendrik Jan Spijker zagen geen weilanden met koeien en schapen, maar een flink stuk grond een dat zich uitstekend leende voor fabriekshallen en kantoren. Ze doopten hun bedrijf om in NV Industrieële Maatschappij Trompenburg en ernaast legden ze de veertien huizen voor hun arbeiders aan.

Trapeze

Berlage bedacht een list. Die rare scheve lijn zou minder opvallen als hij er nóg eentje naast zou tekenen en legde een knik in de Kromme Mijdrechtstraat. Daardoor kreeg de grote tramremise die hij daar gepland had, zijn  trapezevorm. Aan de voorkant was het een imposant en breed gebouw. Aan de achterkant liet hij taps toelopen, waar het zich naadloos en onopvallend weer in zijn eigen raster voegde.

Geklieder

Maar niet alles liet zich aan de tekentafel oplossen. De werkelijkheid bleef dwarsliggen. Toen de tekening klaar was had de gemeente, die om die nieuwe remise gevraagd had, geen geld meer om die te laten bouwen. Voorlopig zou er alleen een houten nood-remise komen, nog niet half zo groot als de trapeze.

Chagrijnig nam Berlage het zwarte potlood uit zijn doosje en kleurde de contouren van slordig vierkantje over de grijze trapeze heen. Met rood zette hij er een klein rondje naast. Die nutteloze watertoren stond precies op de plek waar hij de trams naar binnen had willen laten rijden. Die zou dan voorlopig ook wel niet gesloopt worden. Berlage had een hekel aan geklieder. Zijn dag was verpest.

Maarten Harpertsz.

Negen jaar moest Berlage wachten totdat ook aan de Amstel de werkelijkheid zich eindelijk naar zijn plannen begon te schikken. De houten noodremise werd afgebroken en de watertoren ging eraan. De Trompstraat werd omgedoopt in Trompenburgstraat, omdat Cornelis’ veel beroemdere vader, Maarten Harpertsz. Tromp zijn eigen straat had gekregen, in het nieuwe Amsterdam-West.

Toen in 1927 de remise eindelijk feestelijk geopend werd, was ze de grootste van Europa. Berlage kon zijn gummetje opbergen. Alle losse eindjes op de kaart waren weggewerkt en die scheve straat, ach, die viel al nauwelijks meer op.

Rivierstaete

Bijna vijftig jaar later werden de hallen en kantoren van de fabriek gesloopt. Op de plaats van de vroegere Spykerfabriek verrees Rivierstaete; een groot en hoog kantorencomplex dat bij zijn opening óók het grootste van Europa was. Het was hoger en dan de autofabriek ooit geweest was, en stak aan alle kanten uit. Niemand kon er omheen.

Onlangs is het pand grondig gerenoveerd. Het is nu een en al glas en daardoor drukt het wat minder zwaar op zijn omgeving. Maar het is nog even hoog.

Zuiderstation

Misschien kijkt Berlage vanuit de hemel weleens wel eens neer op zijn Plan Zuid. Zou hij tevreden zijn met de gebouwen en straten die er liggen? Of ziet hij vooral wat er niet terechtgekomen is van zijn plannen? Ziet hij zijn Academie van Beeldende Kunsten in plaats van het Hilton? De majestueuze Minervalaan die uitkomt op het ruime plein bij het Zuiderstation? Spijt het hem dat er nooit een Academisch Ziekenhuis is gekomen op de plek van het Berlage Lyceum? Of valt zijn oog toch op de keurige, langwerpige rechthoek die vanaf de Amstel schuin de buurt in loopt?

 

 

Historisch hart

Toen Berlage in 1927 zijn gummetje opborg en zich liet fêteren in zijn trapeze-remise, had hij zich neergelegd bij het onvermijdelijke. De Trompenburgstraat had de grote stedenbouwkundige zijn wil opgelegd en niet andersom. Waarschijnlijk is hij stiekem wel blij met die enorme kantorenkolos die alle aandacht naar zich toetrekt. De straat die zich niet liet weggummen ligt onopvallend in zijn schaduw.

Je zou kunnen zeggen dat Rivierstaete in het historisch hart van de Rivierenbuurt ligt. En dat verklaart dan ook de naam. De Trompenburg is immers geen rivier.